Je hart beschermen tegen verlies. Kan dat? Laurina neemt je mee in het verhaal van een jong meisje, haar eigen verhaal én dat van jou.

‘Er was eens een doodgewoon meisje. Op een dag gebeurt er iets wat haar verdrietig maakte. Dus stopt ze haar hart in een fles en hangt ze de fles om haar hals. Maar daarna lijken de dingen leger dan ze geweest waren. Weet zij hoe en wanneer ze haar hart terug moet krijgen?’

Bescherming tegen verlies
Bovenstaand citaat is de samenvatting van het boek Het hart in de fles van Oliver Jeffers. Een prentenboek dat gaat over een jong meisje die het fijn vindt om de wereld te ontdekken. Alle vragen die ze heeft, stelt ze aan een oudere man in een stoel. Maar op een dag is de stoel leeg. De oudere man is er niet meer. Dat verlies maakt haar zo verdrietig, dat ze vanaf dat moment besluit om haar hart in een fles te stoppen. Zo kan ze haar hart beter beschermen. Denkt ze.

Ze heeft het mis. Haar leven lijkt leger. Haar leven voelt leger. Dat ‘leger voelen’ kan je op veel verschillende manieren ervaren: je voelt je niet compleet, je hebt steeds het idee dat je iets mist. Je ervaart een diepe onrust in je lijf, alsof je constant zenuwachtig bent voor iets – maar je weet niet eens waarvoor. Je voelt niet alleen verdriet, maar ook intense wanhoop; waar moet je heen?
Je hebt zoveel vragen, de wereld lijkt soms te zwaar voor jou als mens.

Vluchten lukte niet
Ik heb geschreeuwd van pijn en boosheid. De machteloosheid overheerste toen ik het besefte; ik ben alleen. Er waren dagen dat de duisternis over me heen overheerste. Ik voelde geen vaste grond meer onder me, maar zwierf in alle onrust door de dag heen. Maar welke kant ik ook op bewoog: telkens nam ik mezelf weer mee en lukte het niet om te vluchten voor de zenuwen, angst en onrust. Ik heb geprobeerd om mijn hart te verstoppen, maar telkens kwam mijn hart weer bij mij terug. Het hart klopte niet, zonder mij. Ik leefde niet, zonder mijn hart.

Maar ook nu – jaren later – kan het nog gebeuren dat ik me ‘leeg’ voel. Dat er een niet te duiden onrust in me zit, die zich langzaam maar zeker door mijn hele lijf heen beweegt. Dan voel ik mijn hart kloppen in mijn keel, terwijl ik niet direct verdrietig ben. Of ik voel me verdrietig, terwijl ik niet echt een reden heb om tranen te laten. Op die momenten lukt het me niet altijd om vrolijk en opgewekt mijn dingen te doen. Daardoor weet ik dat ik dealen moet met een hart dat blijvend een plekje zoekt in dit leven. Ik ben die dagen kwetsbaarder en zoek meer contact met mensen om me heen. De ene keer op de volwassen manier; benoemend dat ik dealen moet met een onrustig hart. De andere keer ook nog wel eens op ‘de-verlaten-Laurina-manier’; telkens controlerend of de ander mij nog wel ziet en niet vergeten is.

Verstoppen of voelen
Je kunt op twee manieren omgaan met de sterke emoties die door je lijf stromen. Aan de ene kant kun je proberen ze sterk onder controle te houden, weg te drukken en te verbergen voor anderen. Dit kan soms gezond en zinvol zijn. Het vermijden van te veel pijn kan helpen om de situatie draaglijk te houden. Maar het voortdurend blokkeren kan je lijden echter eerder versterken dan verzachten.

Een andere manier van omgaan met sterke emoties is het durven voelen ervan. Je emoties laten stromen, ze durven uiten als je alleen bent of bij anderen. Je hart laten zien. Praten over wat je bezighoudt, het spreken over de intense emoties die door je heen kunnen gaan, kan een risico met zich meebrengen. Mensen kunnen je afwijzen, omdat ze je niet begrijpen. Ik zou je voor de gek houden als ik zeg dat dit niet zal gebeuren. Het gaat gebeuren. Maar tegelijkertijd schep je meer ruimte in bestaande relaties door open eerlijk te zijn over de rollercoaster in jouw binnenste. Leer maar omgaan met het feit dat er tussen jouw relaties ook blijvertjes zijn. Ik noemde het vorige week al een keer; er zijn mensen in jouw omgeving die onvoorwaardelijk van je houden en altijd naast je zullen staan. Zij gaan niet weg.

Breek de fles met daarin je hart maar open, het klaart de lucht.

Laurina de Visser