29 januari heeft een watermerk gekregen. Deze dag in januari is de sterfdag van mijn vader. Nu in 2015 is dat negen jaar geleden. Vandaag ben ik volwassen, 9 jaar geleden was ik een tiener. Negen jaar zonder hem, maar met dagen waarop ik hem toch beter heb leren kennen. In gesprekken met anderen. Door herinneringen die ik aan hem heb. Wanneer ik mezelf zie in de spiegel en dan bedenk: ‘ik ben een dochter van mijn aardse vader’.

Het missen van hem – en het missen van mijn moeder – leerde mij dat ik Jezus mij stevig vast blijft houden. Het ontbreken van mijn ouders leert mij om gevoelig te zijn voor andere mensen om me heen. Om vrienden niet los te laten. Om met mildheid naar de anderen te kijken.

Om zwijgend te luisteren naar hun verhaal.

Is januari 2015 een nieuw jaar, een nieuwe start? Een schone lei in vergelijking met 2014? Het kan zijn dat het in sommige situaties zo werkt. Een nieuwe start om te solliciteren. Een vernieuwde start om af te vallen. Een herinnering tot een nieuwe poging om geld te sparen. Maar in mijn brein werkt het niet zo. In mijn hart draag ik ook vrienden uit 2014 mee. Sterker nog: ik neem herinneringen en gedachten mee uit alle jaren voor 2015.

Januari geeft mij wel iedere dag opnieuw verschillende keuzes. Het geeft mij iedere dag weer de kans om met de liefde van Jezus klaar te staan voor de anderen en voor mezelf. Deze maand biedt mij de mogelijkheid om in verbondenheid mijn rouw te delen met vrienden, die op dit moment waken het sterfbed van hun (schoon)moeder. Er zijn dagen dat ik de kans heb om met anderen samen te bidden en te ervaren dat we gedeelde ambities in ons hebben.

Vandaag is een dag om te glimlachen naar mensen, die ik onderweg ontmoet.

Ook is deze eerste maand van januari de maand om veel woorden te verspillen aan die vrienden, die in hun intens kwetsbare geaardheid bang zijn om gekwetst te worden. Bang zijn om afgewezen te worden door de christelijke wereld. En ik, als christelijk meisje, ben op dit moment weer iets nieuws aan het leren: Ik hoef niets te vinden van de zoektocht, pijn van anderen, maar ik wil klaarstaan wanneer de ander mij nodig heeft.

En dat allemaal, doordat deze maand mij herinnert aan mijn eigen littekens.

“Minnaars worden van elkaar;
vrienden blijven van zichzelf,

vriend, wil je ondanks alles
alsjeblieft onthouden
dat je tegen minnaars zegt
dat je van ze houdt,

maar dat ik het bedoel
als ik – door de ogen van Jezus – naar je kijk.”

(Gedicht n.a.v. Ted van Lieshout)

Iedere dag staan we voor verschillende keuzes. Het geeft mij iedere dag weer de kans om met de liefde van Jezus klaar te staan voor de anderen en voor mezelf. Met welke gedachte sta jij graag op?